In Otto's oorlog wordt een periode van veertig jaar omspannen. De gebeurtenissen beginnen op 14 mei 1940 in Rotterdam, de dag van het grote bombardement, en eindigen op een paradijselijk, maar van alle mensen verlaten eilandje voor de kust van Mauritanië. Drie mannen onderweg: Wessel Matser, die het leven bestudeert, Simon Jorna, die het leven fotografeert en Otto Stein, die het leven ondergaat. Tegen de achtergrond van de onthechting en spanning van expedities naar exotische plaatsen in Turkije, Senegal, Spanje en Mauritanië, worstelt Otto Stein met de nawerkingen van de oorlog.
'Twee vrouwen' bevat de zinderende, fatale liefdesgeschiedenis van de museumconservatrice Laura en de veel jongere en beeldschone kapster Sylvia. Laura vertelt, achteraf, twee verhalen die in de roman om elkaar heen kronkelen als slangen. In het ene verhaal valt te lezen hoe Laura vanuit Amsterdam afreist naar Nice, als zij het bericht heeft ontvangen dat daar haar moeder is overleden. Met haar moeder heeft Laura altijd een gespannen verhouding gehad. 'Er is,' zegt Laura, 'maar één manier om van je moeder af te komen: zelf moeder worden.' In het andere verhaal vertelt zij haar geschiedenis met Sylvia, die hevig verliefd en volkomen onverwacht een aanvang neemt. Ze had nooit een verhouding gehad met een andere vrouw, die gedachte was zelfs nooit bij haar opgekomen. Laura was, toen zij Sylvia ontmoette, al een tijd gescheiden van Alfred Boeken, een zure theatercriticus. Hun huwelijk was stukgelopen omdat Laura geen kinderen kon krijgen. Harry Mulisch verweeft de fatale liefde tussen Laura en Sylvia met de klassieke nodlotsdrama's van Orpheus en Oidipous. 'Twee vrouwen' is een van de meest geprezen werken uit zijn rijke oeuvre. Het is een meesterlijke roman over liefde en verlies, hoop en vrees, leven en dood.