Grieving the devastating loss of her closest confidante, Marla Wolfblade encounters a formidable adversary, while her son Damin finds his ability to fight invaders hampered by political factors, and mad Mahkas Damaran plots continued tyranny over the city of Krakandar
Book Two of the Riftwar Legacy Continuing on from Feist’s bestselling Riftwar Saga comes a spellbinding adventure. Now in a brilliant new livery. ‘Feist writes fantasy of epic scope, fast-moving action and vivid – imagination’ Washington Post
It's been eight long years since Marla Wolfblade buried her husband and claimed royal power - and its responsibilities - for herself. Now she must teach her son, Damin, the skills he needs to survive as warring factions at Court manoeuvre for power, and ultimately for the throne itself. Damin proves an apt pupil as his mother's advisor teaches him the Rules of Gaining and Wielding Power. However, as he nears the age when he will take the throne, his position becomes increasingly dangerous. The head of the Sorcerers' Collective, a powerful and influential faction, decides to either turn the young ruler into a puppet or tear the throne away from him. Damin must decide whom it is safe to trust - and how to claim his birthright.
De Nachtraven zijn terug in Krondor. Tot grote ontsteltenis van eenieder slagen ze in hun opzet een aanslag te plegen op Arutha, die volgens een oude profetie de heer van het Westen is. Deze schandelijke daad vraagt om een tegenzet en in het geheim vertrekt een reisgezelschap dat onder meer bestaat uit Roald en Laurie de minstreel naar het noorden om de boosdoener, Murmandamus, voorgoed onschadelijk te maken. Ze worden nagereisd door Robbie de Hand en jonker Joolstein, die maar al te graag een bijdrage leveren aan de onderneming. Elders raken de gemoederen evenzeer in beroering. De magiër Puc is inmiddels weer teruggekeerd van de wereld Kelewan en ontmoet in Elvandar, het thuis van de elven, zijn oude vriend Thomas, die een draak ontbiedt. Want ook zij maken zich op voor een lange reis.
Met Het Conclaaf der Schaduwen begint Feist aan een nieuw hoofdstuk in de Oorlog van de Grote Scheuring en de wereld van Midkemia, ruim dertig jaar na De Boeken van De Slangenoorlog. Kiëlianapuna van de stam der Orosini heeft het moeilijk met zijn mannelijkheidsritueel. Hij zit al twee volle dagen zonder voedsel in de wildernis en wacht op een teken van de goden dat hem zijn mannelijke naam zal onthullen. Maar zijn wachten is vergeefs; hij is eenzaam, koud en wanhopig, en uiteindelijk besluit hij op te geven. Dan, als hij op het punt staat terug te keren, landt er plots een zeldzame Zilverhavik op zijn schouder die hem een mysterieuze boodschap meegeeft. Als hij terugkeert in zijn dorp staat alles in vuur en vlam en worden zijn verwanten afgeslacht door soldaten van de machtige hertog Olaska. Hij wordt getroffen door een kruisboogpijl en voor dood achtergelaten. Als hij weer bijkomt is hij onder de hoede genomen van een herbergier genaamd Kendrick, die hem vertelt dat hij de enige overlevende is. Dan herinnert Kiëli zich de woorden van de havik: stijg op en wees een Klauw voor je volk. Hij heeft nu een naam, Klauw, en een doel, wraak. Maar hij is nu ook door een bloedschuld gebonden aan zijn redder, Robert de Lyis, en deze heeft andere plannen met Klauw van de Zilverhavik…
Hartraft's Marauders are heading for a frontier garrison. But a Tsurani patrol is sent to support an assault on the same garrison. Both enemies arrive at the same time to discover the garrison has been overrun by a horde of moredhel (dark elves). Can they band together to survive?
It is 9 years on from the aftermath of Sethanon and deadly forces are stirring on the horizon. The bringer of the latest grim tidings is Gorath, a moredhel (dark elf). At the root of all the unrest lie the mysterious machinations of a group of magicians known as The Six.
Surviving the wrath of the fearsome Sauur—a hideous race of invading serpents—noble Erik and cunning Roo have delivered a timely warning to the rulers of the Midkemian Empire, and are now free to pursue their separate destinies. Erik chooses the army—and the continuing war against Midkemia's dread enemies. Roo lusts for wealth and power—rising high and fast in theworld of trade. But with luxury comes carelessness and a vulnerability to the desires of the flesh. And a beautiful seductress with her ruthless machinations threatens to destroy everything Roo has built and become—summoning catastrophe into his future . . . and terror into his world.